INLEIDING.

Het komende Tienstatenrijk en zijn leider.

VOORWOORD.

Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 2.

Hoofdstuk 3.

Hoofdstuk 4.

Hoofdstuk 5.

Hoofdstuk 6.

Hoofdstuk 7.

Hoofdstuk 8.

Hoofdstuk 9.

Hoofdstuk 10.

Hoofdstuk 11.

Oproep!

De ondergang van Babel op één dag, in één uur!

Gods oordeel over de Rooms Katholieke kerk.

Hoofdstuk 2.

Hoofdstuk 3.

De komst en de wederkomst van de Messias.

                           
                                     Oproep!!!                                           
 
Het doel van alle vermaningen is liefde uit een rein hart, uit een goed geweten en een ongeveinsd geloof. Door dit spoor te verlaten zijn heden velen vervallen tot ijdel gepraat: zij willen leraars van het Evangelie zijn, zonder ook maar te beseffen wat zij zeggen of waarover zij zo stellig praten. Vermijdt deze huichelaars, vermijdt hun onheilige, holle klanken: want zij zullen de goddeloosheid nog verder drijven en hun woord zal voortwoekeren als de kanker.
 
U daarentegen: keert u af en bekeert u met het Evangelie van Jezus Christus en hebt geen deel aan de onwijze dwaalleraars en de valse profeten, die zich in hun verdoving overgeven aan losbandigheid om gretig winst te slaan uit allerlei onreinheid. Bekeert u tot de levende God!!                                                               
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here. Een verbond, rustend op het enige Fundament, door God gelegd: Jezus Christus, de Heer en Redder der wereld die gestorven is voor onze zonden en gegeven heeft Zijn bloed ter reiniging onzer ziel voor het aangezicht van God, de Schepper van hemel en aarde en al wat zich daarin bevindt.
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here. Een verbond, waarin de liefde voor God alles te boven zal gaan. Want wie zijn leven stelt boven zijn Heer, is Hem niet waardig en zijn naaste hoger acht dan zijn Heiland; zie, deze zal het Koninkrijk Gods nooit zien. Wie zijn bezittingen waardiger acht dan hetgeen zijn Redder hem geven kan, deze is een vriend der wereld, de vijand van God.
 
· Er zal geen twijfel zijn in uw hart omtrent de geboden des Heren, het Evangelie van Jezus Christus. Want hij die twijfelt, zal zekerlijk bezwijken onder het oordeel Gods in de dagen die heden reeds hoorbaar zijn. Vervloekt is eenieder, die u een ander Evangelie brengt dan die van Jezus, de eniggeboren Zoon Gods.
 
· Ook zult gij  Gods Naam niet ijdel gebruiken, want al deze dingen zijn der huichelaars. Hebt geen deel aan hun oordeel, want niet één zal het aangezicht des Heren zien. Dragende de Naam Gods hebben zij Hem bespottelijk gemaakt. Ja, zij hebben Zijn heilige Naam onteerd bij de goddelozen, met daden vol gruwel en bloed. Weest niet gelijk de huichelaars, twistende met ouderen. Want zij hebben ontzag noch liefde voor hen.
 
· Eer uw vader en uw moeder; oordeel niet, al reiken hun zonden tot aan de hemel. Het is de Here, die oordelen zal. Maak hen niet bespottelijk, om wat dan ook; het is u niet tot waardigheid.
 
· En gij zult niet morren tegen al wat boven u is gesteld, tot gezag. Geeft de overste wat hem toekomt, maar geeft de Here, uw God, wat Hem toekomt. Ja, gij zult het geven in grote liefde en ontzag, want ontzag voor Hem is het begin van alle wijsheid.  
 
·Maakt u een verbond met de Here, dat gij geenszins beelden zult maken met het doel dezen te aanbidden, want zij spreken noch zien en geven geen raad. Alleen tot de Here zult gij bidden, in de naam van Zijn Zoon Jezus Christus.     
 
·Maakt u een verbond met de Here, dat gij geenszins zult discrimineren, haten en onderdrukken de rassen Zijner schepping, functie en afkomst. Want al wat gij zijt heeft de Here u toebedeeld. Niets is het uwe, indien de Here het u niet had toebedacht. Allen zijn gelijk voor het aangezicht des Heren. Zeg niet:"Heb ik niet meer verkregen door eigen kracht?" Doet het niet, want al dezen zullen vernederd worden in de tijden die u heden verkondigd worden. Ja, zij zullen zich deerlijk verwonden.                                                        
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here, de Machtige Israëls. Hij, die Zijn Zoon uit de dood heeft opgewekt om redding te schenken aan allen die in Hem geloven. Spreekt geen leugen, want Hij is de Waarheid, het Licht en het Leven. Spreekt vrij over Hem, te pas en te onpas en verkondigt Zijn komst.
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here, en Zijn paden recht maken in de wereld. Want heden zijn er velen gestruikeld over de listen en voetangels der valse leraars. Hoewel dezen de schijn ophouden de Here te dienen, hebben zij  met hun  daden  de  kracht ervan  tenietgedaan.  
 
· Weest geen gierigaard, gelijk de huichelaars, want dezen smeken met vele tranen de Here: "Waarom, o Here, die honger en die armoede". Doch de Here zegt: "Gij zult naar uw vermogen geven aan de Here, uw God". Hij heeft geen welbehagen in hun tranen en in hun smeekbeden, dewijl zij zelf geven stenen voor brood.               
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here, de God van Israël, waarin gij zegent hen die verzameld zijn van het zwaard die zijn, de dragers der erfenis Gods. Want al wie de kinderen Israëls zegent, zal gezegend worden, maar wie hen vervloekt, zal vervloekt worden. Gaat niet staan op de kruispunten hunner vluchtwegen, maar wijst hun op de weg naar Sion, de heilige berg Gods.
 
· Broeders, ja allen, die heden het woord des Heren horen: Gij weet dat de Here komt gelijk de profeet gesproken heeft: "Zie, plotseling zal tot Zijn tempel komen de Here, die gij zoekt, namelijk de Engel des verbonds die gij begeert". Zie, Hij komt, doch wie zal de dag van Zijn komst kunnen verdragen, want velen hebben Zijn paden verlaten. Wie is u in de weg gekomen, dat gij de Waarheid niet meer gehoorzaamt. Die overtreding komt niet van Hem, die u roept. Een weinig zuurdeeg maakt het gehele deeg zuur. Daarom; wee, de huichelaars die verwarring brengen. Zij zullen hun straf dragen tot in eeuwigheid.
 
· Heden houdt de Here u zegen en vloek voor.
Zegen, wanneer gij luistert naar de geboden des Heren; vloek indien gij naar de geboden des Heren niet luistert, en blijft afwijken van de weg des Heren.
 
· Doch gij: Gij zult u een verbond maken met de Here, dat gij zult afleggen al uw overbodige rijkdommen, want dit zal de Here behagen en u vele malen belonen. Onthoudt u het streven naar rijkdom, positie en macht, want al deze dingen zullen niet behouden blijven voor hen, die de Here liefhebben boven alles. Legt af deze dingen, want in de tijden die u heden verkondigd worden, zal het u toch ontnomen worden. Koopt goud van Hem, in het vuur gelouterd. Maakt u rein, omkleedt u met het zuivere gewaad van het Evangelie. Volgt onder geen beding hen, die van "de bruid des Heren" een hoer gemaakt hebben; vermijdt dit adderengebroed.
 
· Ook zult gij iedere vorm van politiek vermijden. Laat het broeders. Gij weet de tijden die komen gaan en in die dagen zal het hoereren met de wereld u vergolden worden. Lijdt liever schade nu, dan dat gij tot schande zult zijn. Wee hij, die komt in de handen der tien koningen die hun troon niet uit erfenis zullen ontvangen, één uur met het beest. Doet het; alleen dan zult gij geen oordeel omtrent deze werken ontvangen.
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here, uw God, waarin gij voor het aangezicht des Heren geen andere dingen in uw gebedshuizen zult verrichten dan het loven en prijzen en aanbidden van Hem, die leeft in eeuwigheid. Maakt er geen hoerenhol van gelijk de huichelaars. Want dezen laten zich meer door de hebzucht dan door de Here leiden; wandelen meer naar hun begeerten en spreken hoogdravend, als zij om des vleses en om des voordeels wil, de mensen in hun gelaat vleien.
 
· In het verbond met de Here zult gij een afschuw hebben aan het doden. Ja, gij zult niets, maar dan ook niets doen wat tot doel heeft, het doden van mensen. Al wie doodt, zal gedood worden. In het leger zult gij niet dienen; uw brood niet eten met het maken of begeleiden van moordtuig. Het gebod des Heren is: gij zult niet doden, en: bidt voor uw vijanden.
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here, uw Rechter, dat gij afzijdig zult zijn van hoererij, het bedrijven van schandelijkheid met een van uw eigen geslacht of verhitting op de vrouw van uw naaste. Al deze dingen zijn van de wereld en hebben geen deel aan de liefde Gods. Hebt geen oor voor de zoete woorden der valse tongen. Dezen hebben de wereld rottende gemaakt. Ja, zij hebben haar klaargemaakt voor het oordeel Gods. Want dit is de tijd, dat de boosdoeners de maat der gramschap Gods zullen volmaken. De Here zegt: neemt op uw kruis, vecht en lijdt tegen al dit kwaad, en Hij zal u zekerlijk bijstaan. Al het anderen is de tong van satan; aanvaardt de tucht des Heren.
 
· Ook zult gij u onthouden van het doden der ongeboren vrucht. O broeders, weest verstandig, want het zal met bloed gewroken worden op een ieder die zulks doet. Laat u niet misleiden door de wolven; dragende schaapsklederen hebben zij reeds velen de dood waardig gemaakt. Hebt geen deel aan de straf, hun toebereidt.
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here, uw God, dat gij zult roemen uw prestaties noch zult spreken in veelheden en prijzen, met het doel de ogen van uw naaste te verblinden. Spreekt geen minachting of nijd over anderen, want niemand heeft eer bij God, dan alleen door Jezus Christus, uit gena. Wij allen zijn zondaars, dus onwaardig om te oordelen. Weest niet jaloers op de bezittingen van anderen, want het is de Vader uit Wiens hand alles komt.
 
· En in uw bekering tot de Here, zult gij geenszins ontheiligen de sabbat (zondag). Hoewel deze dag voor de mensen is, dient zij niet te worden misbruikt, gelijk de huichelaars doen. Werkt niet op deze dag van het Nieuwe Verbond ter versteviging van uw eigen beurs en doet die dag alleen wat hoogstnoodzakelijk is. Het zal de Here behagen.
 
· Ook zult gij aan het woord des Heren niet twijfelen, want het is van Genesis t/m de Openbaringen Zijn woord: een dag is een dag en de Adam de schepping Zijner handen.
 
· "Ik haat de echtscheiding. Gij zult de vrouw van uw jeugd niet ontrouw worden" zegt de Here Here. Broeders, Hij is uw Getuige. Vrouwen, weest uw mannen gehoorzaam en verheft uw harten niet boven dat van hem, want de Here heeft hem alzo gesteld, gelijk Hij het Hoofd is van Zijn bruidsgemeente. Hebt een afkeer aan de leugenpredikers. Dezen zullen hun loon dubbel ontvangen, want zij hebben liefde noch wijsheid Gods in zich.
 
· Gij zult u een verbond maken met de Here, uw Heiland, waarin gij zich zult onthouden van naturisme, het raadplegen van sterren en die van  waarzeggende geesten. Met al deze dingen is de weg van het kwaad geplaveid. Het is de Here een gruwel.
 
Broeders, gij zult u reinigen met al deze geboden, die zijn, de redelijke basis van het Evangelie van Jezus Christus. Ja, de Here heeft ze gegeven om de slapende te doen ontwaken en de dwalende de weg te wijzen, omdat velen de eerste liefde voor de Here, onze God, hebben verlaten. Ik zeg u: ontwaakt gij slapenden en waakt! Bekeert u, gij onverstandigen en keert u allen tot de Here, onze God, want Zijn komst is nabij!!                                                                           
 
 
"Het woord des Heren kwam tot mij: Mensenkind, spreek tot uw volksgenoten en zeg tot hen: wanneer Ik over een land het zwaard breng, en de inwoners van dat land hebben uit hun midden iemand gekozen en tot wachter aangesteld, en deze ziet het zwaard over het land komen, en blaast op de bazuin en waarschuwt het volk- als dan iemand wel het geluid van de bazuin hoort, maar zich niet laat waarschuwen, en het zwaard komt en rukt hem weg, dan komt diens bloed over zijn eigen hoofd. Hij heeft het geluid van de bazuin gehoord, maar zich niet laten waarschuwen; zijn bloed komt  over hemzelf; als hij zich had laten waarschuwen, zou hij zijn leven hebben gered. Maar wanneer de wachter het zwaard ziet komen, doch niet op de bazuin blaast, zodat het volk niet gewaarschuwd wordt- en het zwaard komt en rukt iemand van hen weg, dan wordt hij wel weggerukt in zijn eigen ongerechtigheid, maar van zijn bloed zal Ik de wachter rekenschap vragen. Gij nu, mensenkind, u heb Ik tot wachter over het huis Israëls aangesteld. Wanneer gij een woord uit mijn mond hoort, zult gij hen uit mijn naam waarschuwen. Als Ik tot de goddeloze zeg: Goddeloze, gij zult zeker sterven,- maar gij spreekt niet om de goddeloze te waarschuwen voor zijn weg, dan zal die goddeloze in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar van zijn bloed zal Ik u rekenschap vragen. Maar als gij een goddeloze waarschuwt om zich van zijn weg te bekeren, doch hij bekeert zich daarvan niet, dan zal hij in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar gij hebt uw leven gered".                  
 
Ezechiël 33:1-9.                                                     
 
 
Theodorus Petrus.                                  
       
Januari 1983.