INLEIDING.

Het komende Tienstatenrijk en zijn leider.

VOORWOORD.

Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 2.

Hoofdstuk 3.

Hoofdstuk 4.

Hoofdstuk 5.

Hoofdstuk 6.

Hoofdstuk 7.

Hoofdstuk 8.

Hoofdstuk 9.

Hoofdstuk 10.

Hoofdstuk 11.

Oproep!

De ondergang van Babel op één dag, in één uur!

Gods oordeel over de Rooms Katholieke kerk.

Hoofdstuk 2.

Hoofdstuk 3.

De komst en de wederkomst van de Messias.

                                                                    Hoofdstuk 3                                             
 
                                                        HET DERDE WERELDRIJK
                                                         
                                             PERZIË                                                             
                                              Einde Juda's ballingschap.                                    
"Zo zegt de Here tot zijn gezalfde, tot Kores, wiens rechterhand Ik gevat heb om volken vóór hem neer te werpen: de lendenen van koningen ontgord Ik; om deuren vóór hem te openen, geen poorten blijven gesloten".
"Ter wille van mijn knecht Jacob en van Israël, mijn uitverkorene, riep Ik u bij uw naam, en gaf u een erenaam, hoewel gij Mij niet kendet. Ik ben de Here en er is geen ander; buiten Mij is er geen God. Ik gordde u, hoewel gij Mij niet kendet".                          
 
Jesaja 45:1 en 4-5.                                                                                      
 
"Doch na u zal een ander koninkrijk ontstaan, geringer dan het uwe;".
 
Daniël 2:39.
 
"De ram die gij gezien hebt, met de twee horens, doelt op de koningen der Meden en Perzen, en de harige geitebok op de koning van Griekenland, en de grote horen die tussen zijn ogen stond, dat is de eerste koning".
 
Daniël 8:20-21.
 
"Ik echter, ik stond in het eerste jaar van Darius de Meder hèm tot een helper en toevlucht-. Nu dan, ik zal u de waarheid bekend maken. Zie, nog drie koningen zullen in Perzië opstaan, en de vierde zal grotere rijkdom bezitten dan alle anderen, en als hij sterk geworden is door zijn rijkdom, zal hij alles in beweging brengen tegen het koninkrijk van Griekenland"
 
Daniël 11:1-2.
 
 
Omstreeks het jaar 575 v Chr. schonk de vrouw van een Perzische koning, Cambyses, hem een zoon die zij Kores noemden. Deze Kores zou de geschiedenis ingaan met de bijnaam: de Grote, omdat hij de eigenlijke grondlegger van het Perzische Wereldrijk is. In de achtste eeuw had de profeet Jesaja, in naam van God, de komst van deze koning al aangekondigd, zoals uit bovenstaande bijbeltekst blijkt. Waarom? Kores was toen al uitverkoren en bij zijn naam genoemd omwille van Zijn volk. In het eerste regeringsjaar vaardigde Kores al een bevel uit tot voordeel van het Joodse volk. In het boek Ezra 1:2-3 staat hierover geschreven:
           
"Zo zegt Kores, de koning van Perzië: alle koninkrijken der aarde heeft de Here, de God des hemels, mij gegeven en Hij heeft mij opgedragen Hem een huis te bouwen in Jeruzalem, in Juda. Wie nu onder u tot enig deel van zijn volk behoort- zijn God zij met hem, hij trekke op naar Jeruzalem, in Juda, en bouwe het huis van de Here, de God van Israël, dat is de God, die in Jeruzalem woont".
 
De Joden mochten dus, indien zij wilden, naar Juda terugkeren. Niet iedereen was echter verheugd; immers, zeventig jaren van ballingschap waren verstreken. Weinigen waren er overgebleven die de deportatie door Nebukadnessar metterdaad hadden meegemaakt. Velen waren in Babel geboren en wat zou de hervestiging in het land van herkomst brengen? Verhoudingsgewijs gingen er dan ook maar weinigen terug met de eerste groep. De priester Ezra verhaalt ons, dat er ruim tweeënveertig duizend Joden mee gingen naar Israël.
In de boeken Ezra en Nehemia lezen we de gehele geschiedenis van de terugkeer uit ballingschap.                                                      
 
                                
                                                 DE PROFEET DANIËL                                            
Daniël kreeg niet alleen dromen en gezichten in de dagen van Nebukadnessar en Belsassar, maar ook in de regeer periode van koning Kores en Darius I. Meerdere visioenen met dezelfde boodschap: de komst van acht Wereldrijken die allen in verband staan met het Joodse volk.                   
                                      
                             
 
 
Wie het geografische kaartje bekijkt van het Perzische rijk, met daarin getekend de grenzen van de twee voorgaande Rijken, ziet dat beiden binnen het grondgebied van het Perzische rijk vallen.
Daarom moet de uitspraak: koningen der Meden en Perzen, in Daniël 8:20, verstaan worden met: koningen (in het land) der Meden en Perzen. In deze context staat de Ram symbool voor het Assyrische rijk; de eerste horen voor het Babylonische rijk; de tweede horen voor  het Perzische rijk.                             
                             
                                               
 
De auteur gaat de beknopte geschiedenis van het Perzische rijk afsluiten met een tekst uit Daniël 11:1-2. waar dit hoofdstuk ook mee geopend werd.
 
"Ik echter, ik stond in het eerste jaar van Darius den Meder hèm tot een helper en toevlucht-. Nu dan, ik zal u de waarheid bekend maken. Zie, nog drie koningen zullen in Perzië opstaan, en de vierde zal grotere rijkdom bezitten dan alle anderen, en als hij sterk geworden is door zijn rijkdom, zal hij alles in beweging brengen tegen het koninkrijk van Griekenland".                                                           
 
In deze profetie wordt letterlijk gezegd, dat er ná koning Darius nog drie koningen in Perzië aan de macht zullen komen. De vierde echter zal dankzij zijn grote rijkdom een strijd tegen Griekenland uitlokken. In de geschiedenis van het volgende Wereldrijk zullen we zien, dat het inderdaad de vierde koning na Darius was, die er indirect de oorzaak van was, dat Alexander de Grote, koning van Griekenland, het Perzische rijk binnenviel en het gehele Oosten, waar eens "de Ram  met  de twee grote  horens" heerste, bij zijn Rijk inlijfde.